In Nederland kennen we verschillende marterachtigen. Deze dieren zijn familie van elkaar binnen het dierenrijk. In deze blog leggen we u alles uit rondom steenmarters, het territorium, populatiedichtheid, voedsel, verblijfplaats en meer.
In deze blog:

Hierbij een kort overzicht van de verschillende marterachtigen:
| Klasse | Zoogdieren |
| Orde | Roofdieren |
| Familie | Marterachtigen |
| Soort | Grote marterachtigen: Das (Meles Meles (L.)) Otter (Lutra lutra (L.)) Middelgrote marterachtigen: Steenmarter (Martes foina (Erxleben)) Boommarter (Martes martes (L.)) Kleine marterachtigen: Hermelijn (Mustela erminea (L.)) Wezel (Mustela nivalis (L.) Bunzing (Mustela putorius (L.)) Fret (Mustela putorius subsp. furo (L.)) Europese nerts (Mustela lutreola (L.)) Amerikaanse nerts (exoot) (Neogale vison (Schreber)) |
In 1777 kreeg de steenmarter door onderzoeker Erxleben de naam Mustela foina Erxleben. Later vond een andere onderzoeker dat de steenmarter en andere marterachtigen, zoals de boommarter, specifieke kenmerken hadden waardoor de steenmarter de naam Martes foina Erxleben kreeg in plaats van Mustela zoals de kleine marterachtigen.
De steenmarter beschikt daarnaast in Nederland over de alternatieve naam ‘Fluwijn’. Waarschijnlijk komt de naam oorspronkelijk van het franse woord ‘Fouine’ en is het in het Middelnederlands (de taal in Nederland tussen 1200-1500) verbasterd naar Fluwine/Fluwijn.
De Fluwelengroeve (tegenwoordig de Fluweelengrot in Valkenburg) zou zijn naam danken aan de steenmarter omdat men dacht dat de steenmarter (Fluwijn) in de grot op vleermuizen jaagde. Na contact met de Fluweelengrot blijkt dat de benaming van de grot mogelijk komt door de heer Fluwine die in het kasteel heeft geleefd en niets met de steenmarter te maken heeft. We zullen het nooit weten.
De steenmarter is een territoriaal dier. Dat houdt in dat het in de basis géén andere steenmarters in zijn of haar leefgebied tolereert. Het enige wat wordt getolereerd, is het andere geslacht. Vrouwtjes hebben een kleiner territorium dan mannetjes. Vaak vallen er meerdere territoria van vrouwtjes in 1 territorium van een mannetje.
De grootte is afhankelijk van verblijfplaatsen en voedselaanbod. Vooral het voedselaanbod is doorslaggevend. Hoe meer voedsel beschikbaar is, hoe kleiner het territorium. Is er minder voedsel, dan is de zoektocht hiernaar groter waardoor ook het territorium groter is.
Dat ziet er ongeveer zo uit:

Wanneer er een steenmarter sterft, heeft onderzoek uitgewezen dat het leeggekomen territorium binnen 2-3 dagen weer ingenomen is door een andere steenmarter. Wanneer dit niet gebeurt dan verschuiven de overige territoria waardoor er vaak weer een stuk vrij komt dat ingenomen kan worden door een nieuwe steenmarter.
Bij overlastsituaties wordt door bewoners vaak gezegd dat er héél veel steenmarters zitten. In de praktijk is dit niet mogelijk door het territoriale karakter van het dier. Alleen tijdens de paartijd in juni/juli en wanneer er een nest met jongen zit, kunnen er meer dan 2 steenmarters zitten.
Steenmarters zijn roofdieren; dit houdt in dat ze, net als bijv. de wolf of de haai, bovenaan de voedselketen staan in het dierenrijk. Doordat ze ca. 9 maanden per jaar vlees eten, zijn ze afhankelijk van de hoeveelheid prooidieren in hun territorium. Wanneer er weinig prooidieren aanwezig zijn in een bepaald jaar, slaan vrouwtjes de jaarlijkse paring wel eens over. Als er veel voedselaanbod is, zal er ieder jaar gepaard worden.
De populatie van de steenmarter beweegt hierdoor mee met de beschikbaarheid van voedsel in de natuur.
De steenmarter is zoals eerder benoemd een roofdier maar het is ook omnivoor omdat hij naast vlees ook vruchten eet. Het dieet bestaat voornamelijk uit prooidieren zoals vogels, kippen, ratten, muizen, (jonge) konijnen en soms eten ze kevers, rupsen en regenwormen. Ook zijn steenmarters dol op eieren die ze in het voorjaar uit nesten halen. In de zomer en herfst eten ze ook vruchten en bessen. In het najaar willen ze ook rijpe appels en peren uit bomen halen om te eten.
Vooral jonge steenmarters eten sneller vruchten en bessen omdat jagen op prooidieren een vaardigheid is die wordt verworven door oefening. Een jonge steenmarter heeft nog moeite met het vangen van prooidieren waardoor die sneller vruchten en bessen eet.
Het is niet bekend of steenmarters ook op bijvoorbeeld vissen jagen. Er wordt bij onderzoek naar de steenmarter wel gebruik gemaakt van sardines in blik.
De steenmarter heeft binnen het territorium meerdere dagrustplaatsen. De term ‘dagrustplaats’ heet zo doordat de steenmarter overdag slaapt en elke nacht op jacht gaat. Uit onderzoek blijkt dat de steenmarter tussen de 8 en 30 dagrustplaatsen binnen het territorium heeft. In de zomermaanden kan een steenmarter rustig in takkenhopen, struwelen en hagen zitten maar wanneer het buiten kouder wordt, zal de steenmarter meer beschutte plekken opzoeken zoals schuren, zolders, kruipruimtes e.d. Onderzoek wijst uit dat een steenmarter bijna nooit langer dan een week terugkomt op dezelfde dagrustplaats, behalve wanneer er een nest met jongen is.
De steenmarter houdt geen winterslaap maar in de winterperiode zien we wel dat de steenmarter vaker terugkeert naar eenzelfde gebouw om te rusten.
De steenmarter leeft het grootste gedeelte van het jaar alleen in zijn of haar territorium. In de periode juni/juli is de paartijd waarbij een mannetje het vrouwtje bevrucht. Bijzonder aan de bevruchting is dat er een verlengde draagtijd is. De bevruchte eicel gaat pas innestelen in januari/februari. Vanaf dat moment is de steenmarter ‘zwanger’ zoals we dat bij de mens kennen. Eind maart/begin april worden er vervolgens 1 tot 4 jongen geboren. De jongen worden kaal geboren en met de ogen gesloten. De ogen gaan na ongeveer een maand open. Zij drinken in het begin moedermelk.
Na ongeveer 6 weken krijgen ze ook wat vast voedsel dat de moeder buiten vangt en naar het nest toe brengt. Naarmate de jongen ouder worden, zullen ze meer gaan spelen waardoor er geluidsoverlast optreedt. Ook stank en vochtvlekken treden op doordat moeder dode dieren meeneemt naar het nest om de jongen te voeden. Doordat de jongen hun ontlasting kwijt moeten, kunnen er vochtvlekken en urinegeuren ontstaan.
Na 5 tot 6 maanden zijn de jongen in principe zelfstandig. Rond september verjaagd de moeder doorgaans de meisjes uit het territorium en moeten zij hun eigen territorium gaan zoeken. Er is één onderzoek beschikbaar waarbij een meisje een jaar in het territorium van de moeder werd geduld.
Jongens worden niet uit het territorium verjaagd door de moeder. Zij blijven veel langer bij de moeder in het territorium. Zodra de jongens geslachtsrijp zijn (meestal rond het tweede levensjaar) worden ze uit het territorium verjaagd door een ander mannetje maar niet door de moeder. Het vermoeden bestaat dat ze door hun vader verjaagd worden maar ook dit is nog niet vastgelegd.
Een steenmarter kán 18 jaar worden maar in het wild worden ze gemiddeld 3 jaar oud. Dit heeft vooral te maken met de overleving in het wild. Voorkomende sterfte komt door:
Ook al kan een steenmarter 18 jaar oud worden, vaak beginnen ze rond hun 8e levensjaar in verval te raken doordat ze al stram worden. Naarmate de jaren vorderen, zullen ze steeds stijver worden waardoor overleven moeilijker wordt.

Een steenmarter wordt wel eens vergeleken met een kleine, slanke kat met kortere poten waardoor hij laag bij de grond komt. Mannetjes zijn groter dan vrouwtjes maar van kop tot puntje staart hebben ze een lengte van 57cm tot 78cm.
Verder heeft de steenmarter duidelijke kenmerken:

De schedel van de steenmarter is lang en slank waarbij de snuit vrij kort is. De jukbeenderen staan vrij ver naar buiten waardoor er veel ruimte ontstaat voor de kauwspieren. Deze kauwspieren hebben ze hard nodig omdat hun voedsel taai is om te kauwen.
Over het algemeen hebben mannetjes een grotere en robuustere schedel dan vrouwtjes. Er zijn regionale verschillen in de afmetingen van de schedels waardoor verschillende steenmarters net andere schedelmaten kunnen hebben.

De steenmarter is een roofdier en wordt, net als de mens, met een melkgebit geboren. Het is in de literatuur niet terug te vinden wanneer het melkgebit gewisseld wordt maar het vermoeden is dat dit binnen 6-11 weken wordt vervangen door een blijvend gebit. Volwassen steenmarters heeft een totaal van 38 tanden. Naarmate de steenmarter ouder wordt, zijn de tanden onderhevig aan slijtage.
Een steenmarter zal niet snel mensen bijten. Zijn instinct is om te vluchten wanneer dat kan. Alleen in uitzonderlijke gevallen, zoals gevangenschap of bedreiging, zal een steenmarter mensen bijten. Er zijn geen cijfers bekend over bijtincidenten bij mensen.
Wél is een steenmarter een territoriaal dier en zal dan ook zijn territorium verdedigen tegen voornamelijk andere steenmarters. Ook is het een roofdier en zal jagen op prooien zoals vogels, konijnen, ratten, kippen, etc. In deze gevallen zal een steenmarter wel bijten met als doel doden of zijn tegenstander verjagen. Een huisdier zoals een kat of hond zal de steenmarter liever vermijden.
Een steenmarter is een meester in zich stil houden. Daarom heb je vaak pas laat in de gaten dat er een steenmarter in een gebouw zit. Ook hoor je de geluiden niet elke dag. Hoe ga je dan de geluiden van een steenmarter herkennen?
Er zijn pakweg 5 situaties waarbij je geluiden van de steenmarter kunt herkennen.
De meest voorkomende:
Deze geluiden betekenen dat de steenmarter zijn dagrustplaats verlaat (avond) of binnentreedt (ochtend). Omdat de steenmarter meerdere dagrustplaatsen heeft, hoor je het geluid niet iedere dag. De steenmarter wisselt tussen dagrustplaatsen. Soms hoor je deze geluiden enkele dagen achter elkaar en soms ook ineens een week of weken niet.
Rondom de kraamperiode kunnen er verschillende geluiden gehoord worden in verschillende periodes.
Wanneer mannetjes vechten om een vrouwtje of om hun territorium, gebeurt dit vaak buiten een gebouw. Dit kan op de weg zijn maar ook in bosjes of op een dak bijvoorbeeld. Mannetjes gaan vechten waarbij de steenmarters ‘katachtig’ kunnen krijsen.
Wanneer een steenmarter angstig is, zal hij proberen stil te zijn en stilletjes weg te komen. Lukt dat niet, omdat hij geen kant op kan, dan gaat een steenmarter hard blazen, sissen, grommen en/of krijsen. Dit zijn hele felle uitbarstingen waarmee hij zijn tegenstander probeert af te schrikken.
Bij opwinding kan een steenmarter schreeuwende, fluitende en grommende geluiden maken.
Wanneer een steenmarter zich op zijn gemak voelt en tevreden is, maakt hij mekkerende of tokkelende geluiden. Dit is meestal niet waarneembaar voor ons als mens. De steenmarter voelt zich namelijk nooit op zijn gemak bij de mens.
Meestal ‘hupt’ de steenmarter als het ware. Hij beweegt laag bij de grond en als hij rent, zet hij de twee achterpoten tegelijkertijd naar voren richting de voorpoten die op hun beurt daarna weer naar voren schieten. Dit noemen we ook wel ‘half-bound’ omdat de rug in een halvemaancirkel vormt. Het zijn korte maar krachtige sprongen die de steenmarter maakt.
De staart gebruikt de steenmarter als balansstok en hangt vaak horizontaal achter het lijf.
De steenmarter kán rustig lopen. Als hij in dit tempo loopt, dan is het loopgedrag te vergelijken met een kat. Hierbij is de rug minder gebogen.
De steenmarter is ook een hele goede klimmer en springer waardoor hij moeiteloos verticaal beweegt. Dit is hoe de steenmarter op daken terechtkomt. Hij klimt vaak via deze wegen:
De steenmarter kan ook minimaal 1,5m ver springen. Het is daardoor mogelijk dat een gebouw helemaal geen klimmanieren heeft om bij het dak te komen. Maar wanneer er een gebouwtje op ‘steegafstand’ staat, kan de steenmarter met gemak van het ene gebouw naar het andere gebouw springen.
Naar beneden is ook geen probleem. Als de steenmarter voldoende grip heeft, daalt hij met zijn kop naar beneden via dezelfde weg als hij omhoog is gekomen. Vindt de steenmarter het stukje spannend? Dan zal hij langzaam met zijn hoofd omhoog, met korte, gecontroleerde stappen naar beneden bewegen.
Een steenmarter wordt regelmatig vergeleken met andere dieren zoals een eekhoorn, kat of rat. Hieronder een overzicht met de verschillend tussen de soorten.
| Beweging | Eekhoorn | Kat | Rat | Opmerking |
| Laag bij de grond | V | X | V | Door de korte pootjes lijkt de steenmarter hierin op een eekhoorn en een rat. Minder op een kat. |
| Half-bound rennen | V | X | X | |
| Lopen | X | V | V | |
| Verticaal klimmen | V | V/X | V | De steenmarter gebruikt minder zijn nagels dan een kat om te klimmen. Maar gebruikt zijn staart net als een kat of een rat als balansstok |
| Springen | V/X | V | V | Net als een kat beweegt de steenmarter eerst naar achter om vervolgens naar voren te kunnen springen. De sprong zelf lijkt op zowel de eekhoorn als de kat. Maar de lengte van de sprong is overeenkomstig met de kat. |
| Stilvallen bij een schrikreactie | V | V | V |
Een steenmarter is fysiek in staat om te zwemmen. Zwemmen past alleen niet bij zijn ecologie waardoor hij niet snel zal gaan zwemmen zoals een otter. Als hij zwemt is dat om een functionele reden, bijvoorbeeld om water over te steken en daarna zijn weg te vervolgen. Zijn leefgebied is niet watergebonden maar voornamelijk gebouwgebonden.
Heeft u last van een steenmarter of twijfelt u of de overlast van een steenmarter komt? Wij kijken graag met u mee.
Wij bieden zakelijke en particuliere ondersteuning, eenmalig of binnen een vast beheerplan. Plan een adviesgesprek, telefonisch of bij u op locatie, voor helder advies.
Bel 085 – 066 70 71 of klik op de knop hieronder. Met bellen spreekt u ons direct, op formulieren reageren wij dezelfde werkdag.