Hoort u gekrabbel achter een muur of vindt u keutels in een keukenkast? Dan kunnen er ratten of muizen in huis aanwezig zijn. Omdat beide dieren vooral actief zijn wanneer het rustig en donker is, krijgt u ze meestal niet direct te zien. U merkt de overlast eerst aan geluiden, uitwerpselen, knaagschade of een vreemde geur.
Ratten en muizen laten deels dezelfde sporen achter. Toch zijn er duidelijke verschillen in gedrag, keutels, geluid en schuilplaatsen. Het is belangrijk om te weten met welk dier u te maken heeft. De aanpak van muizenoverlast verschilt namelijk van de aanpak bij ratten.
In deze blog:

Wanneer u het dier zelf ziet, lijkt het verschil eenvoudig. Een volwassen rat is een stuk groter dan een volwassen huismuis. In de praktijk ziet u vaak slechts een schim die onder een kast, achter een wand of door een opening verdwijnt.
Een huismuis heeft een slanke bouw, een spitse snuit, relatief grote oren en een lange dunne staart. Een bruine rat is steviger gebouwd en heeft meestal een stompere snuit. Een zwarte rat is slanker dan een bruine rat en heeft juist een spitse snuit en grote oren. Een jonge rat of kleine zwarte rat kan daardoor bij een snelle waarneming voor een grote muis worden aangezien. De kleur van de vacht geeft weinig zekerheid.
Het is daarom belangrijk om verder dan het formaat te kijken. Keutels, looproutes, knaagschade, toegangspunten en de plaats waar de sporen worden gevonden geven samen een betrouwbaarder beeld.
| Kenmerk | Huismuis | Bruine rat | Zwarte rat |
| Bouw | Klein en slank, spitse snuit en relatief grote oren | Steviger gebouwd, met een stompere snuit | Slanker dan de bruine rat, met spitse snuit en grote oren |
| Keutels | Meestal rond 6 tot 8 millimeter, dun en langwerpig | Vaak 15 tot 20 millimeter, dikker en meestal stomp | Vaak rond 10 millimeter, smaller en soms spits |
| Veelvoorkomende plek | Achter keukenblokken, in wanden, boven plafonds, zolders en tussen opslag | Kruipruimte, kelder, keuken, zolder, riool, tuin en lage opslag | Zolder, dakruimte en hoge opslag |
| Staart | Even lang als het lichaam | Korter dan het lichaam | Langer dan het lichaam |
| Gedrag en route | Beweegt door kleine openingen en onderzoekt veranderingen vaak snel | Gebruikt vaste routes en kan nieuwe voorwerpen langere tijd vermijden | Klimt goed en gebruikt vaak hogere, droge routes |
De tabel geeft richting, maar geen definitieve vaststelling. Leeftijd, omstandigheden en de plek waar een spoor ligt kunnen het beeld beïnvloeden. Beoordeel daarom altijd meerdere kenmerken in samenhang.
Uitwerpselen zijn vaak een van de eerste aanwijzingen voor ratten of muizen in huis. Muizenkeutels zijn meestal klein, dun en langwerpig. Rattenkeutels zijn over het algemeen groter en dikker. De vorm verschilt per rattensoort. Keutels van een zwarte rat kunnen daardoor worden verward met grote muizenkeutels.
Kijk niet alleen naar het formaat, maar ook naar de vorm, versheid, hoeveelheid en vindplaats. In de blog over muizenkeutels of rattenkeutels herkennen leest u welke kenmerken richting geven en waarom keutels alleen geen definitieve vaststelling opleveren.
Ratten en muizen kunnen krabbelen, knagen, ritselen en piepen. Deze geluiden ontstaan wanneer zij zich verplaatsen, voedsel zoeken, aan materialen knagen of nestmateriaal verslepen.
Muizen veroorzaken vaak lichte en snelle geluiden, zoals zacht geritsel, fijn gekrabbel of korte tikjes. Ratten zijn groter en zwaarder. Hun bewegingen kunnen daardoor harder klinken, bijvoorbeeld als geschuifel, zwaarder gekrabbel of duidelijk geknaag.
Het volume geeft geen zekerheid. Geluid kan zich via balken, leidingen, ventilatiekanalen en holle wanden door een gebouw verplaatsen. Een muis boven een dun plafond kan daardoor harder klinken dan een rat onder een goed geïsoleerde vloer.
Bij krassende geluiden in een muur, plafond of kruipruimte moeten daarom ook keutels, knaagschade, toegangspunten en andere sporen worden beoordeeld.
Huismuizen zijn nieuwsgierig. Een nieuw voorwerp in hun omgeving, zoals een val of inspectiemiddel, wordt vaak vrij snel onderzocht. Ze blijven meestal dicht bij hun nest wanneer daar voedsel en beschutting aanwezig zijn. De activiteit kan daardoor beperkt blijven tot een klein deel van het gebouw.
Ratten zijn voorzichtiger bij veranderingen in hun leefomgeving. Een nieuw voorwerp kan dagen of langer worden vermeden. Dit gedrag wordt neofobie genoemd. Het verklaart waarom een rat soms niet direct reageert op een geplaatste val of een andere maatregel. Dit heeft direct invloed op de manier van bestrijden. Ratten en muizen kunnen door het verschil in gedrag vaak niet op dezelfde wijze worden bestreden.
Tip: Wil je proberen ratten met een klem te vangen? Zet de klem dan niet direct op spanning maar laat de klem meerdere malen leeg eten voordat je de klem op spanning zet.
Ook de routes verschillen. Muizen bewegen zich door kleine openingen en verborgen ruimtes. Ratten gebruiken vaak vaste routes langs muren, leidingen, begroeiing en andere vormen van dekking. Op veelgebruikte routes kunnen vettige veegsporen ontstaan. Dit wordt ook wel buiksmeer genoemd.
Huismuizen verblijven meestal in gebouwen of direct daaromheen. Ze hebben weinig ruimte nodig en kunnen gebruikmaken van kleine openingen in gevels, vloeren en aansluitingen rond leidingen.
Veelvoorkomende schuilplaatsen zijn:
Muizen hebben weinig vocht nodig. Een droge zolder, voorraadruimte of spouw kan daardoor al een geschikte verblijfplaats zijn, zolang er voedsel en beschutting in de buurt zijn. De plek waar u keutels vindt, is niet automatisch de plek van het nest. Muizen kunnen via wanden en vloeren naar een voedselbron lopen en onderweg keutels achterlaten.
Bij ratten hangt de schuilplaats sterk af van de soort en van de verbindingen in en rond het gebouw.
Bruine ratten leven vaak op of onder de grond. Ze kunnen graven, zwemmen en klimmen en worden regelmatig aangetroffen in een omgeving met voldoende water, voedsel en beschutting. Een bruine rat heeft in tegenstelling tot de zwarte rat voldoende water nodig.
Bij bruine ratten kijkt Pestis imperium daarom ook naar de omgeving van een woning of pand. Afval, vogelvoer, dierenvoer, gevallen fruit, compost en gebreken aan het riool kunnen een rol spelen.
Zwarte ratten komen van oorsprong voor in de jungle waar ze zich hoog in de bomen ophouden en veel fruit eten. Dit gedrag hebben ze meegenomen naar Nederland waardoor je ze vaker op hoge, droge plaatsen tegenkomt. Zwarte ratten kunnen goed klimmen en door hun langere staart blijven ze in evenwicht.
Een rat op zolder is dus mogelijk. Worden op een hoge, droge plaats grotere keutels of duidelijke knaagsporen gevonden, dan moet een zwarte rat worden meegenomen in de beoordeling. De hoogte alleen is geen bewijs.
Keutels en geluiden zijn meestal de eerste aanwijzingen. Ratten en muizen kunnen daarnaast andere sporen achterlaten.
De tanden van ratten en muizen blijven doorgroeien. Daarom knagen de dieren aan uiteenlopende materialen.
Muizen laten meestal kleinere en fijnere knaagsporen achter. Bij ratten is de schade vaak grover. Aan één aangevreten verpakking is meestal niet met zekerheid te zien welk dier verantwoordelijk is. De opening, keutels en omliggende loopsporen moeten worden meegewogen.
Ratten en muizen volgen regelmatig dezelfde route. Langs een muur, balk of opening kan daardoor een donkere vettige veeg ontstaan. Zo’n spoor bestaat uit vuil en vet uit de vacht. Oud buiksmeer kan lang zichtbaar blijven. Verse keutels, nieuw knaagsel of nieuwe schade zeggen meer over actuele activiteit.
In stoffige ruimtes kunnen kleine pootafdrukken zichtbaar zijn. Bij ratten kan soms ook een sleepspoor van de staart worden gevonden. Deze sporen zijn in woningen vaak onduidelijk of lopen door elkaar. Monitoring kan helpen om vast te stellen welke routes daadwerkelijk worden gebruikt.
Bij langdurige muizenoverlast kan een sterke muskusachtige geur ontstaan. Urine, uitwerpselen en nestmateriaal hopen zich op in afgesloten ruimtes. Ook ratten kunnen stankoverlast veroorzaken. De geur alleen geeft meestal geen duidelijk verschil. De plaats van de geur en de andere sporen zijn nodig om de oorzaak te bepalen.
Een inspectie is geen zoektocht naar één herkenbaar spoor. Pestis imperium beoordeelt hoe alle signalen samenhangen met het gebouw en de omgeving.
Voor een passende aanpak moet eerst duidelijk zijn welk dier aanwezig is en waardoor het zich op die plek kan handhaven.
Bij muizen ligt de nadruk vaak op het vinden en dichten van kleine openingen. Ook moet worden vastgesteld waar zij voedsel vinden en welke verborgen ruimtes worden gebruikt.
Bij bruine ratten kunnen de riolering, kruipruimte, tuin en omliggende voedselbronnen een grotere rol spelen. Bij zwarte ratten moet extra worden gekeken naar hogere delen van het gebouw, begroeiing tegen gevels en openingen rond het dak.
Het plaatsen van een val of het verwijderen van één dier lost de oorzaak meestal niet op. Wanneer toegangspunten, voedsel en schuilplaatsen aanwezig blijven, kunnen nieuwe dieren dezelfde plek innemen. Een goede aanpak bestaat daarom uit inspectie, wering, aanpassing van de leefomgeving en monitoring. Gerichte bestrijding van ratten en muizen wordt ingezet wanneer dat nodig is en past binnen de totale aanpak.
Heeft u keutels, knaagschade of geluiden aangetroffen en weet u niet zeker of het om ratten of muizen gaat? Pestis imperium onderzoekt de aanwezige sporen, mogelijke toegangspunten en omstandigheden die de overlast veroorzaken. Op basis daarvan wordt bepaald welke maatregelen nodig zijn. Neem contact op voor een inspectie. Alleen bestrijden zonder de toegangsroute en leefomstandigheden aan te pakken geeft meestal geen blijvende oplossing.
Wij bieden zakelijke en particuliere ondersteuning, eenmalig of binnen een vast beheerplan. Plan een adviesgesprek, telefonisch of bij u op locatie, voor helder advies.
Bel 0318 – 745 131 of klik op de knop hieronder. Met bellen spreekt u ons direct, op formulieren reageren wij dezelfde werkdag.